Hart & Vaten

Cafeïne en risicofactoren voor hart- en vaatziekten

Bij de meeste prospectieve cohortonderzoeken naar koffie-/cafeïneconsumptie is geen nadelig effect aangetroffen van koffie-/cafeïneconsumptie op de werking van hart en bloedvaten. Er is geen verband aangetoond tussen cafeïneconsumptie en aritmie (Pelchovitz, 2011), boezemfibrilleren (Caldeira, 2013) en hartritmevariabiliteit (Rauh, 2006). Hieruit blijkt dat mensen die hier last van hebben indien gewenst wel cafeïne kunnen consumeren. In het geval van hartfalen en coronaire hartziekten blijkt uit studies dat koffie en andere bestanddelen dan cafeïne mogelijk betrokken zijn bij de gunstige effecten die bij deze ziekten zijn waargenomen. Gematigde koffieconsumptie wordt in verband gebracht met een lager risico op hartfalen, waarbij het grootste effect is gevonden bij vier kopjes per dag (Mostofsky, 2012). Koffieconsumptie leidt niet tot een verhoogd risico op coronaire hartziekten op lange termijn en lijkt dit risico bij vrouwen zelfs te verlagen (Wu, 2009).

Cafeïne en bloeddruk

Cafeïne heeft een licht, kortdurend bloeddrukverhogend effect. Bij lage doses zou dit vergelijkbaar zijn met de kortdurende verhoging die optreedt tijdens het voeren van een gesprek of bij het oplopen van een trap. Uit een meta-analyse van 16 onderzoeken is gebleken dat de inname van cafeïne leidt tot een kortdurende bloeddrukverhoging van gemiddeld 4,16 mmHg (2,13 – 6,20) voor de systolische bloeddruk en 2,41 mmHg (0,98–3,84) voor de diastolische bloeddruk. Daarentegen leidt cafeïnebevattende koffie tot een vrij matige, niet-significante verhoging van de bloeddruk (systolisch 1,22 mmHg [0,52 – 1,92] en diastolisch 0,49 mmHg [0,06 – 1,04]). Er bleek geen effect van cafeïne op de hartslag. Het verschil tussen het effect van cafeïne via koffie en cafeïne in tabletvorm op de bloeddruk hangt samen met de aanwezigheid van andere bestanddelen in koffie die het effect van de cafeïne verminderen. De kans op hoge bloeddruk als gevolg van cafeïne-inname kan uiteenlopen door het P450-1A2 genotype, waarbij mensen met een trage stofwisseling meer risico lopen op een hoge bloeddruk. Regelmatige koffieconsumptie leidt niet tot een verhoogd risico op hoge bloeddruk (Geleijnse, 2008).

Cafeïne en cholesterol

Er is geen verband tussen cafeïne en een verhoogd cholesterolgehalte. Uit onderzoek onder mensen die cafeïnehoudende medicijnen slikten, is bij geen enkele subgroep een verband aangetroffen tussen de cafeïneconcentraties en het totale cholesterolgehalte en het LDL-cholesterolgehalte (Du, 2005). Voor koffie ligt dit iets anders. Uit een meta-analyse is naar voren gekomen dat filterkoffie vrijwel geen effect bleek te hebben op het cholesterolgehalte in het serum. Bij de consumptie van ongefilterde koffie bleek er wel effect op het totale cholesterolgehalte en LDL-cholesterolgehalte in het serum (Jee, 2001). Deze effecten op het cholesterolgehalte zijn van voorbijgaande aard en verminderen zodra men stopt met het drinken van ongefilterde koffie.

Cafeïne en homocysteïne

Er zijn een aantal studies waaruit blijkt dat de consumptie van grote hoeveelheden koffie kan leiden tot een verhoogd homocysteïnegehalte in het bloed. Cafeïne verhoogt het homocysteïnegehalte ook, maar vijfmaal minder sterk dan koffie (Verhoef, 2002). Het is echter nog onduidelijk of verlaging van het homocysteïnegehalte leidt tot een verlaagd risico op hart- en vaatziekten; er is nog geen causaal verband vastgesteld tussen een hoog homocysteïnegehalte en hart- en vaatziekten.


Deze informatie is bedoeld voor gezondheidsprofessionals. © 2015, Kenniscentrum Koffie en Gezondheid