In een notendop

  • Er is overtuigend bewijs dat matige cafeïneconsumptie de alertheid en aandacht (concentratie) verhoogt. De Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSA) heeft in 2011 vastgesteld dat er sprake is van een oorzaak-gevolgrelatie tussen een dosis van 75 mg cafeïne - de hoeveelheid in circa één standaard kop koffie - en zowel verhoogde aandacht als alertheid.
  • Met behulp van ‘brain mapping’ is aangetoond dat cafeïne geen invloed heeft op hersencircuits en hersenstructuren die beloning, motivatie of verslaving regelen.
  • Abrupt stoppen met cafeïneconsumptie kan bij een deel van de bevolking leiden tot ontwenningsverschijnselen. Deze zijn in de regel mild van aard, van korte duur en kunnen worden vermeden door de cafeïneconsumptie geleidelijk af te bouwen.
  • Er zijn enkele aanwijzingen dat cafeïne-onthouding de slaap kan verbeteren - zowel de tijd tot het in slaap vallen als de slaapkwaliteit. De mate van gevoeligheid bij mensen voor de effecten van cafeïne op de slaap loopt echter uiteen, en ook genetische verschillen spelen een rol.
  • Er is enig bewijs dat koffie en cafeïne voordelen hebben in situaties die vragen om een verhoogde alertheid, zoals bij nachtdiensten, lange autoritten en jetlags.

 


Deze informatie is bedoeld voor gezondheidsprofessionals. © 2015, Kenniscentrum Koffie en Gezondheid