Korte, intensieve spanning

Cafeïne en prestaties bij kortdurende intensieve beweging (anaërobe beweging)

Hoewel uit onderzoek is gebleken dat cafeïne bij sommige kortdurende intensieve bewegingsvormen en onder bepaalde omstandigheden mogelijk een gunstig effect heeft, kunnen er nog geen conclusies aan worden verbonden. Volgens de EFSA is nog onvoldoende onderzoek gepubliceerd om een oorzaak- en gevolgrelatie te ondersteunen (EFSA, 2011b).

In een studie uit 2009 naar de effecten van cafeïne op de anaërobe sportprestaties (Astorino, 2009) werden 28 onderzoeken bekeken en luidde de conclusie dat 17 ervan significante voordelen van cafeïne lieten zien. Ook werd waargenomen dat er sprake was van grote variatie in resultaten tussen de onderzoeken.

Er werden diverse factoren in de verschillende onderzoeken uitgelicht als mogelijke verklaringen voor de variatie: getrainde versus ongetrainde deelnemers, deelnemers gewend aan cafeïne versus deelnemers die normaal geen cafeïne consumeren, deelnemers met een traag- versus een snelcafeïnemetabolisme, verschillende doseerregimes (vaste dosis cafeïne versus milligram per kg lichaamsgewicht) en verschillende soorten proeven.

Als eindresultaat kwam naar voren dat cafeïne voordelen kan hebben bij sommige kortdurende, intensieve bewegingsvormen en onder bepaalde omstandigheden, zoals bij getrainde sporters die zich voorafgaand aan de beweging hadden onthouden van cafeïne; bij inname van een matige dosis cafeïne (boven een bepaalde drempelwaarde maar niet te hoog); bij krachtsporten en teamsporten (beweging met intermitterende intensiteit). Het onderzoek vermeldde verder dat "het exacte mechanisme achter het ergogene effect van cafeïne op kortdurende beweging onbekend is".

Cafeïnesupplementen

In een studie uit 2010 is het effect van cafeïne (3,7 mg per kg lichaamsgewicht) in aanvulling op een koolhydraat/elektrolytensupplement bij gesimuleerde voetbalprestaties onderzocht. Volgens de auteurs kon de groep die cafeïne gebruikte langduriger en sneller korte afstanden sprinten en beter springen dan de groep zonder cafeïne (Gant, 2010).

Effecten van cafeïne op korte termijn

Volgens een studie uit 2010 (Goldstein 2010c) leidde een dosis cafeïne van 6 mg per kg lichaamsgewicht bij getrainde vrouwen bij een bankdruktest tot verbetering van het maximale gewicht, maar had geen effect op het maximale aantal keren dat het gewicht omhoog gedrukt kon worden.

In een andere studie (Astorino, 2010) werd onderzoek gedaan naar twee verschillende doses cafeïne (2 mg en 5 mg per kg lichaamsgewicht) bij getrainde deelnemers. Alleen de inname van de hogere dosis cafeïne leidde tot verhoogde prestaties bij een buig- en strekoefening met de knieën. Dit effect verdween bij de tweede proef, wat inhoudt dat de cafeïne alleen op de korte termijn effect had (Astorino, 2010).

Cafeïne en vochtbalans tijdens lichamelijke activiteit

Vochtbalans is een bijzonder belangrijk onderwerp bij atleten, uitdroging altijd een zorg omdat het wordt geassocieerd met verminderde prestaties.

Een uitgebreide review (Armstrong, 2002) concludeerde dat een dagelijkse inname van 300 mg cafeïne (ongeveer 3 kopjes koffie) slechts een mild, kortdurend diuretisch effect heeft, vergelijkbaar met dat van water, zonder significant effect op de totale vochtbalans. De auteurs verklaarden dat er geen bewijs is dat cafeïne schadelijk is tijdens sporten in warme klimaten en er sprake is van veel vochtverlies. De studie bevestigde verder dat beweringen om cafeïnehoudende dranken te mijden voor en tijdens het sporten ongegrond zijn.

In een meta-analyse uit 2014 werd de rol van cafeïne onderzocht bij de vochtbalans van volwassenen tijdens rust en beweging. De onderzoekers kwamen tot de conclusie dat, hoewel cafeïne een gering vochtafdrijvend effect had, dit teniet werd gedaan door sporten. De auteurs suggereerden verder dat bezorgdheid met betrekking tot ongewenst vochtverlies geassocieerd met cafeïneconsumptie, onterecht is, vooral wanneer inname voorafgaat aan sporten (Zhang, 2014).

Een andere studie (Killer, 2014), vond geen significante verschillen in metingen van de vochbalans tusen degenen die koffie dronken en degenen die water dronken. De onderzoekers concludeerden dat een regelmatige gematigde koffieconsumptie bij mannen dezelfde hydraterende eigenschappen had als het consumeren van dezelfde hoeveelheid water.


Deze informatie is bedoeld voor gezondheidsprofessionals. © 2015, Kenniscentrum Koffie en Gezondheid