Potentiële mechanismen

Tot voor kort werd aangenomen dat de ergogene effecten van cafeïne zich lieten verklaren doordat deze de oxidatie van vrije vetzuren stimuleerde en er als gevolg daarvan spierglycogeen werd bespaard. Momenteel focust het onderzoek zich op andere mechanismen.

Duursport

Het bewijs voor verhoogde sportprestaties is het sterkst bij duursporten. De conclusie uit recente onderzoeken luidt dat het effect van cafeïne waarschijnlijk wordt teweeggebracht door zijn antagonistische werking op de adenosinereceptoren in de hersenen, d.w.z. via een route die leidt tot verhoogde adrenalineaanmaak, die op zijn beurt de aanmaak van energie stimuleert en de bloedstroom naar de spieren en het hart verbetert (Ganio, 2009b). Cafeïne vermindert het subjectieve gevoel van vermoeidheid en beïnvloedt de mate van waargenomen inspanning, pijn en kracht, die alle tot prestatieverhogingen kunnen leiden.

Kortdurende intensieve beweging

Voor kortdurende anaërobe beweging is de oxidatie van vetzuren en glycogeenbesparing geen realistisch model voor het mechanisme achter prestatieverhoging omdat bijvoorbeeld het tijdpad niet past. Bij een studie naar anaërobe werkingsmechanismen (Davis, 2009) keek men naar de huidige opties en bleek dat het nog onduidelijk is hoe cafeïne de prestaties bij kortdurende intensieve beweging verhoogt.

Er vindt onder meer onderzoek plaats naar melkzuur, bloedsuiker en kalium voor perifere mechanismen, en cafeïne als antagonist van adenosine, pijnperceptie en de mate van waargenomen inspanning voor een centraal mechanisme. Dit cafeïnegerelateerde centrale model is tot op heden het meest veelbelovende.

Het interessante is dat de modellen voor de werkingsmechanismen, die de voordelen van cafeïne voor de prestaties bij beide bewegingstypen - duursport en kortdurende intensieve beweging - moeten verklaren, zich in dezelfde richting lijken te bewegen. Dit heeft tot gevolg dat ook de aanbevelingen voor sporters steeds meer gelijkenissen vertonen (EFSA, 2011b, Ganio, 2009b, Gliottoni, 2009).


Deze informatie is bedoeld voor gezondheidsprofessionals. © 2015, Kenniscentrum Koffie en Gezondheid