Sporters

Cafeïne en vochtbalans bij sporten

Een rapport van de Europese Voedselveiligheidsautoriteit (EFSA) vermeldt dat "een inname van 3 mg/kg lichaamsgewicht cafeïne (dat komt neer op 10 mg voor een volwassene van 70 kilogram), een uur voorafgaand aan een fysieke training, leidt tot een kleine stijging in de lichaamstemperatuur in vergelijking met een placebo" (EFSA, 2015). EFSA heeft hieraan toegevoegd dat "een hogere cafeïne-inname (6 mg/kg lichaamsgewicht, wat neerkomt op 420 mg voor een volwassene van 70 kilogram), ingenomen een uur voorafgaand aan fysieke training in een warme omgeving, geen invloed heeft op de lichaamstemperatuur of vochtbalans wat juist verwacht werd in deze omstandigheden, en dat veranderingen in de lichaamstemperatuur en de vochtbalans onder deze omstandigheden geen gevolgen hebben voor de gezondheid als vochtverlies tijdig wordt aangevuld".

Na een uitgebreide evaluatie van 10 studies (Armstrong, 2002), waarbij kritisch werd gekeken naar de verschillende protocollen en de verkregen resultaten, werd vastgesteld dat:

  • Een dagelijkse inname van 300 mg cafeïne (ca. 3 kopjes koffie) slechts een licht diuretisch effect heeft op de korte termijn, gelijk aan het effect bij het drinken van water, en geen significante gevolgen heeft voor de algehele vochtbalans.
  • Er geen bewijs bestaat dat cafeïne schadelijk is tijdens lichamelijke inspanningen in een warme omgeving, wanneer het vochtverlies maximaal is.
  • Er onvoldoende documentatie is over de effecten van cafeïne op de vochtbalans op de lange termijn. Er gelden hierbij diverse methodologische beperkingen, bijvoorbeeld dat de urine over langere periodes (minimaal 24 uur) dient te worden verzameld. Onderzoeken over korte periodes wijzen op de korte termijn op een licht diuretisch effect van cafeïne na drie uur. Dit effect wordt na langere periodes echter niet meer waargenomen.
  • De bewering dat cafeïnehoudende dranken vóór en tijdens lichaamsbeweging dienen te worden vermeden, ongegrond is.

In een studie van de beschikbare literatuur over cafeïne en sportprestaties (Ganio, 2007) onderzocht men de diverse aspecten van hydratatie tijdens het sporten. Wat betreft cafeïne werd vastgesteld dat de inname van een eenmalige gematigde dosis (minder dan 300 mg) noch in rust, noch tijdens het sporten bijdroeg aan een negatieve vochtbalans. Vergelijkbare conclusies werden getrokken voor de inname van cafeïne op de lange termijn.

Cafeïne en duursporten

In 2009 is opnieuw systematisch en kritisch gekeken naar het effect van cafeïne op duurprestaties (Ganio, 2009a). Voor het onderzoek werden de meest relevante studies geselecteerd, met uitsluiting van studies zonder tijd-prestatie component. Er zijn in totaal 19 onderzoeken geanalyseerd. De auteurs stellen in algemene zin vast dat inname van gematigde hoeveelheden cafeïne bevorderlijk kan zijn voor duursporters.

Daarnaast nam een team van deskundigen, met het oog op het ontwikkelen van een standpunt over het effect van cafeïne op de sportprestaties, nogmaals de beschikbare literatuur systematisch en uitgebreid onder de loep. Zij concludeerden in hun rapport (Goldstein, 2010a) dat cafeïne bevorderlijk is voor de sportprestatie. Dit literatuuronderzoek toonde geen bewijs voor cafeïnegeïnduceerde verhoogde vochtuitscheiding tijdens het sporten.

Cafeïne en temperatuurregeling

In warme omgevingen kan de warmtetolerantie tijdens lichaamsbeweging door verschillende factoren afnemen. In een literatuurstudie (Armstrong, 2007) is gekeken naar de vochtbalans, temperatuurregeling en warmtetolerantie bij lichamelijke inspanningen. Hieruit kwam geen bewijs naar voren dat cafeïne leidt tot chronische uitdroging of nadelige gevolgen heeft voor de temperatuurregeling in warme omgevingen.


Deze informatie is bedoeld voor gezondheidsprofessionals. © 2015, Kenniscentrum Koffie en Gezondheid